You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Een zeer begaafde vijfendertigjarige man uit de artistieke wereld consulteert mij opnieuw na een onderbreking van bijna vier jaar. De eerste keer kwam hij vanwege relatieproblemen met zijn echtgenote met wie hij zeven jaar gehuwd was en van wie hij een zoon heeft. Voor zijn huwelijk had hij, naar eigen zeggen, een ‘overdadige’ seksuele relatie met haar. Sinds hun huwelijk nam seksualiteit steeds minder plaats in de relatie in en reeds langer dan een jaar stelde het niets meer voor. Ondertussen had hij wel regelmatig seksuele relaties met andere vrouwen, die uit zijn werkomgeving afkomstig waren. De relationele conflicten met zijn echtgenote hierover waren de aanleiding voor de eerste consultatie. Aan dit probleem werd gewerkt in een kortdurende focale therapie (Cools & Verhaest 1989) die liep over negentien zittingen in zes maanden tijd. Kort na het plotseling afbreken van de therapie nam hij zelf initiatief tot de scheiding die twee jaar later een feit werd. Nu, bij het hervatten van de therapie, kijkt hij tevreden terug op zijn huwelijk en scheiding. De scheiding was pijnlijk en vol conflicten geweest, maar is toch wederzijds respectvol verlopen. Zijn ex is nu een goede vriendin met wie de relatie beter is dan tijdens de laatste jaren van het huwelijk. Hij zou niet dulden dat er één slecht woord over haar gezegd wordt. In zijn beleving heeft de therapie hem geholpen de stap naar de scheiding te zetten.
De aanleiding voor de huidige consultatie is een werkprobleem: een projectvoorstel waaraan hij hard gewerkt had, werd door zijn chef afgewezen. Nu zit hij creatief op een dood spoor. Hij wil hier opheldering over, zoals hij vier jaar geleden ook in therapie kwam om opheldering te krijgen over de relatie met zijn vrouw. Aanvankelijk hebben beide situaties in zijn beleving niets met elkaar te maken. Hij voelt zich nu opgesloten in zijn werk en wil eruit ontsnappen om creatief te zijn: ‘Op creatief vlak doe ik wat ik niet wil en wil ik wat ik niet doe… Ofwel ik moet me