You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Zelfs wanneer we afzien van de prestigieuze Freudvertaling, kunnen we uitgeverij Boom benoemen als ‘de’ uitgever die in onze Lage Landen met de regelmaat van de klok analytische literatuur op de markt brengt. Vooral Nederlandse psychoanalytici publiceren vaak bij deze uitgever, onder andere naar aanleiding van het jaarlijkse PSU-symposium te Utrecht, waarvan dit boek de twaalfde editie in herinnering brengt.
G.R. Bögels beschrijft tijd als een projectie van het menselijk bestaan. Vanaf de conceptie speelt de tijd als gefaseerde duur een prominente rol in de ontwikkeling. Bögels zet zich nogal aftegen de idealisering van het kleine kind, iets wat niet alleen van deze tijd is, maar ook al bij de oude Grieken werd verhaald, bijvoorbeeld in de mythe rond Hermes, wonderkind van Zeus. In verband met dit idealiseren had ik wel enkele literatuurverwijzingen verwacht, ook al zijn Stern (1985) en Piontelli (1992) misschien wat té bekende werken voor Bögels. Anderzijds waarschuwt zij voor adultocentrisme in psychoanalytische kringen. In de puberteitsperiode die vaak onvoldoende tot haar recht komt in een analyse, ‘ontdekt’ men het seksuele leven van zijn ouders, krijgt men zijn plaats in de historische lijn van het gezin en de familie. Ook psychoanalyse bij ouderen is een recente uitbreiding van het therapeutische veld, volgens Bögels vooral door Pearl King beschreven. Het belangrijke werk van Nemiroff en Colarusso vermeldt zij niet. Zij beschrijft ook de transgenerationele over-draagbaarheid, de invloed van de onvoltooid verleden tijd bij volgende generaties, maar verwijst daarbij vooral naar oorlogservaringen. Meer psychoanalytisch had ik het gevonden wanneer zij refereerde aan oerfantasma's, fantasma's over de oorsprong (primitieve scène/verleiding/castratie) en aanwezig vanaf de oorsprong (Laplanche & Pontalis 1964), die nadien ‘après coup’ door het subject hernomen en gesymboliseerd worden. Deze fantasma's zijn geënt op latere gebeurtenissen, maar blijven fylogenetische v