You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Na lezing van het artikel van Nobus en Libbrecht mogen enkele kanttekeningen niet ontbreken.
Eerst en vooral hebben de auteurs de verdienste dit complexe onderwerp - de geschiedenis van de psychoanalyse in België is niet eenvoudig - op heldere wijze te hebben uiteengezet. Die kwaliteit leidt er evenwel toe dat het geheel kort overkomt, maar toegegeven: van een tijdschriftartikel kan men bezwaarlijk de omvang van een boek verwachten.
Deze beknoptheid en helderheid hebben wel geleid tot het vereenvoudigen van nochtans bekende informatie, wat het feitenmateriaal soms anders laat oplichten. Zo lees ik bij voorbeeld op pagina 141 dat het Gezelschap voor Psychoanalyse en Psychotherapie in mei 1990 werd opgericht om zes maanden later te worden erkend door de eveneens in 1990 opgerichte Ecole Européenne de Psychanalyse. Hier zou men beter hebben kunnen vermelden dat de EEP in september 1990, dus na het Gezelschap, werd opgericht, en dat de overeenkomst tussen GPP en EEP op n november 1990 te Parijs werd ondertekend. Overigens stellen de auteurs dat de EEP werd opgericht als overkoepelende organisatie voor de ECF (Ecole de la Cause freudienne) en voor lacaniaanse secties in Spanje en Italië. Dit is in die zin onjuist dat de ECF (met Frankrijk en Franstalig België als werkterrein) geen deel uitmaakt van de EEP: beide scholen bestaan naast elkaar, ook al zijn een aantal ECF-leden lid van de Europese School. Samen met andere scholen (in Zuid-Amerika onder meer) maken ECF en EEP deel uit van de inmiddels opgerichte AMP of Association Mondiale de Psychanalyse. Toegegeven: op het eerste gezicht is alles niet zo eenvoudig en het lijken details, maar de informatie is ter beschikking… dus men zou er gebruik van mogen maken!
Erger wordt het evenwel in volgende zin, eveneens op pagina 141: ‘Om onduidelijke redenen heeft het GPP geweigerd zich aan te sluiten bij het gezamenlijk initiatief van het Tijdschrift voor Psychoanalyse - sommigen stellen dat de groep nooit om haar medewerking is ge