You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Dat Freud de neurologie inruilde voor de psychologie en het psychofysisch parallellisme achter zich liet (Freud 1915b, p. 97), betekende geenszins dat het probleem van de verhouding tussen het psychische en het lichamelijke van de baan was. Integendeel. De drift, als centraal psychoanalytisch concept, blijft gesitueerd in de overgang tussen het lichamelijke en het psychische (Freud 1915a, p. 44) en op het einde van zijn leven botst Freud nog steeds op het Vaste gesteente’ van de biologie (Freud 1937, p. 264). In 1920 vroeg hij zich af welke opheldering de biologie later zal kunnen verschaffen omtrent ‘onze speculaties’ en of zij ‘ons hele kunstige hypothesebouwsel’ omver zal blazen (Freud 1920, p. 159). Geraakt de psychoanalyse moeilijk los van het lichaam?
Ons vege lijf toont hoe actueel deze problematiek ook vandaag nog is. In deze tijd van ‘triomfen van de biologische psychiatrie’, zoals dat heet, krijgt de publicatie ervan een bijkomend belang. In zeven opstellen wordt de thematiek grosso modo vanuit twee elkaar goed aanvullende invalshoeken benaderd. Enerzijds en overwegend gaat het over de betekenis die het lichaam heeft voor het psychisch leven, over de psychische kant - ‘bezetting’ zouden we kunnen zeggen - van het lichaam. Anderzijds worden in twee hoofdstukken meer fundamentele vragen gesteld over de verhouding tussen de kennis van de neurobiologie en de psychoanalytische theorievorming en praktijk. Telkens zorgen korte vignetten voor de nodige klinische opheldering.
Allereerst heeft Mettrop-Wurster het over de ontwikkeling van het lichaamsbesef bij kinderen, liefst in een goede holding environment en met optimale stimulering van de erogene zones. Een stabiel lichaamsschema veronderstelt het onderscheid tussen ‘ik’ en ‘niet ik’, separatie en individuatie dus. Welke processen in dit lichaamsschema of deze lichaamsbeleving werkzaam zijn beschrijft Deben-Mager in Het verheerlijkte lichaam. Zij schrijft over de seksuele en objectrelationele betekenis van decorat