You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Een half jaar geleden stond in dit tijdschrift een uitvoerige kritiek op een hoofdstuk uit mijn boek Het geval Freud. De auteurs, P. Luyten en J. Corveleyn, betoogden dat dit hoofdstuk, dat gaat over Freuds samenwerking met Josef Breuer, gebaseerd zou zijn ‘op één grote valse voorstelling van zaken.
Israëls citeert immers, ten eerste, op een zeer selectieve manier uit het werk van Freud en dat van anderen en laat, wanneer het hem uitkomt, zonder scrupules de resultaten van degelijk exegetisch en/of historisch onderzoek gewoon weg. Ten tweede vertikt hij het in te gaan op belangrijke ontwikkelingen in Freuds werk en ten derde licht hij constant citaten uit hun onmiddellijke en bredere context zodat ze een heel andere betekenis krijgen’ (p. 5).
In hun zestien pagina's tellende artikel proberen zij dit te staven met een groot aantal voorbeelden. Ik heb daarop een antwoord geschreven dat bij mij kan worden aangevraagd. De redactie van dit tijdschrift was na maandenlange aarzeling slechts bereid om mij een reactie van maximaal achthonderd woorden toe te staan. Het is volstrekt ondoenlijk om in een dergelijk kort bestek serieus in te gaan op de vele punten van kritiek; ik kan niet meer doen dan een enkel voorbeeld geven.
Aan het slot van hun beschouwing schrijven Luyten en Corveleyn: ‘We begrijpen niet waar Israëls het vandaan haalt om Freud te beschuldigen van bluffen over therapeutisch succes; er is immers geen enkele exegetische steun voor deze stelling te vinden’ (p. 15).
Mijn ‘beschuldiging’ is gebaseerd op Freuds omgang met de feiten rond de behandeling van Anna O., een patiënte van Josef Breuer die door Freud vaak is opgevoerd als het allereerste begin van de psychoanalyse. In zijn publicaties heeft Freud altijd de indruk gewekt alsof Anna O. door de behandeling van Breuer genezen zou zijn. Zo schreef Freud in 1925 in zijn Zelfportret:
‘Door langdurige moeizame arbeid wist Breuer zijn patiënte [Anna O.] van al haar symptomen te bevrijden. De zieke was genezen en sindsdi