You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
In Een eeuw Freud zijn een aantal artikelen gebundeld die de schrijver de afgelopen jaren in verschillende Nederlandse tijdschriften - onder andere het Tijdschrift voor Psychoanalyse - gepubliceerd heeft. Het zijn zeer uiteenlopende onderwerpen die hij behandelt, bekend en minder bekend, theoretisch of meer verhalend, over personen of over ideeën, maar alle hebben iets of veel te maken met de figuur van Sigmund Freud. Deze wordt hier gepresenteerd als de in onze tijd ‘op Jezus na bekendste figuur in het Westen en minstens even invloedrijk’.
Er is in deze veelal prettig leesbare teksten veel wetenswaardigs te vinden voor freudianen en niet-freudianen. Het langst wordt stilgestaan bij omstreden figuren als Georg Groddeck en Lou Andreas-Salomé, bij de uitgegeven en onuitgegeven correspondentie van Freud en een aantal Freudbiografieën (waarom wordt de eerste, van Wittels, niet vermeld?), bij Geheimnisse einer Seele, de eerste film met de psychoanalyse als onderwerp, en bij het zesde Internationaal Psychoanalytisch Congres in Den Haag in 1920.
De bedoeling van de schrijver is om via dit caleidoscopische geheel rond het ontstaan van de huidige psychoanalytische praktijk te laten zien dat er naast de revolutionaire vernieuwingen die dankzij Freud plaatsvonden ook voortdurend sprake was van machtspolitiek. Hij noemt dit een ‘tegendraadse visie’ op de geschiedenis van de psychoanalyse. In zijn inleiding zegt hij een methode te hanteren, in de lijn van met name Franse auteurs als Bourdieu en Foucault, die ‘discursief’ genoemd wordt. Deze benadering houdt zich bezig met de taal en de retoriek van Freud en zijn - onderling