You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
De titel van De Luisteraar, een autobiografie, blijkt na lezing een - waarschijnlijk door de schrijver niet bedoelde - paradox in te houden. De lezer verwacht immers ook iets te vernemen over een aantal mensen naar wie de schrijver tijdens zijn leven ‘geluisterd’ heeft. Niets is echter minderwaar. Buiten zijn beide ouders en af en toe een tweede echtgenote komen anderen er hier nauwelijks aan te pas: geen verdere familie, geen vrienden, geen interessante onbekenden, nauwelijks patiënten. De autobiografie is noodzakelijkerwijs een narcistisch genre, maar daarin zijn uiteraard veel gradaties mogelijk. Wheelis kiest bijna uitsluitend voor zichzelf en laat ons in dit boek alleen meeluisteren naar zijn eigen vragen. Het zijn de vragen van iemand die z'n leven lang, en ook weer in deze bladzijden, enerzijds bezeten is geweest van vrouwen en seks, en die anderzijds zonder ophouden heeft nagedacht over de grote hoe- en-waaromvragen rond leven en dood. En met name vragen rond de dood zijn, nu hij de tachtig ruimschoots gepasseerd is, urgent geworden. Die brengen hem onder meer tot het inzicht dat datgene wat veel mensen ontkennen niet de dood is maar veeleer het feit dat, vóór het zover is, het leven niets nieuws meer te bieden zal hebben.
De meeste inzichten van de schrijver betreffen echter het proces van luisteren en kennen zelf. Voor de freudiaan Wheelis is seksualiteit de bron van alle zingeving. Zij is de band die ons met de buitenwereld verbindt, zij maakt dat wij buiten onszelf treden en verbintenissen aangaan met die onbekende wereld. Als schrijver van talrijke boeken over zingeving twijfelt Wheelis er overigens steeds meer aan of die buitenwereld wel echt te begrijpen is. Aan vrouwen lukt dat misschien, herhaalt hij graag. Zij begrijpen, want zij zijn één met de wereld. Mannen daarentegen staan tegenover diezelfde wereld die ze tevergeefs trachten te begrijpen. Wheelis hanteert graag dit soort zwartwit-, en alles-of-nietstegenstellingen, die vaak in de manvrouwtegen