You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Beide boeken zijn een vorm van psychoanalytische literatuur die de laatste jaren toenemend populair is.
Antonio Molino schrijft in zijn inleiding dat hij hoopt dat zijn vijf ‘conversations move beyond the biografical to illustrate connections between life experience, culture and the production of knowledge in an increasingly complex world’. Naar mijn mening is hij daarin beter geslaagd dan Peter Rudnytsky, die tien conversaties levert. Het verschil tussen beide boeken is wellicht het gevolg van het verschil in benadering. Molino is zelf psychoanalyticus; hoewel hij duidelijk een aantal vragen in zijn hoofd heeft, laat hij zich leiden door zijn gesprekspartners - allen psychoanalytici - waardoor er een openhartige sfeer ontstaat, waarin verrassingen mogelijk zijn.
Rudnytsky is zelf geen praktiserend psychoanalyticus; hij beschikt wél over een zeer grote kennis van de psychoanalyse, waarover hij verschillende boeken geschreven heeft. In de inleiding van dit boek spreekt hij zijn voorkeur uit voor de objectrelatietheorie zoals die gebruikt wordt door de Britse Independents en toont zijn bewondering voor de hechtingstheorie van Bowlby.
Deze voorkeuren komen in zijn conversaties met psychoanalytici en hun critici duidelijk naar voren. Dit leidt vaak tot discussies, waarbij hij de geïnterviewde in een bepaalde richting duwt en hem/haar uitspraken wil ontlokken, die hij spannend vindt.
Opvallend is dit bijvoorbeeld in het gesprek met Stephen Mitchell, die hij wil dwingen tot een keuze tussen de drifttheorie en de objectrelatietheorie en tot ontkennen van de wetenschappelijke basis voor het werk van Freud. Mitchell laat zich niet vastpinnen en is juist heel loyaal tegenover Freud. Hij zegt dat het leren van de psychoanalyse moet beginnen met de bestudering van Freud vanwege de vragen en problemen waarmee hij bezig was, ook al zijn veel van zijn antwoorden niet meer overtuigend. Rudnytsky beroept zich onder anderen op Frank Sulloway, die ook wordt geïnterviewd en die aangetoond