You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
De laatste jaren kunnen we niet klagen over een gebrek aan inleidende handboeken over het werk van Lacan. Een goede zaak, want steeds meer psychotherapeuten en psychoanalytici in het Nederlandse taalgebied interesseren zich voor het denken van deze controversiële Franse analyticus. De ideeën van Lacan zijn niet langer uitsluitend een Franse kwestie. In discussies binnen de verenigingen en opleidingsinstituten die geaffilieerd zijn met de International Psychoanalytic Association, hoort men wel eens een lacaniaanse stem. Vergeet niet dat de huidige president van de IPA, Daniël Widlöcher, mede door Lacan gevormd werd! Maar ondanks vele pogingen om Lacan toegankelijk te maken, blijft zijn werk moeilijk te doorgronden.
De gebroeders Schokker zetten op een overzichtelijke wijze de basisprincipes van het lacaniaanse denken uiteen. Hun voorbeelden uit films en uit het werk van romanschrijvers maken Lacans concepten beter begrijpbaar. Zelfs het stripverhaal Suske en Wiske van Willy Vandersteen wordt gebruikt om enkele sleutelbegrippen te illustreren. De auteurs laten ook niet na te verwijzen naar de Griekse tragedies. Met deze inleiding richten de auteurs zich in de eerste plaats tot psychiaters en psychotherapeuten. De lezer die geïnteresseerd is in feiten over het leven van Lacan wordt verwezen naar de tijdtafel achteraan in het boek. Niet minder dan vijfentwintig bladzijden worden besteed aan noten: meestal verwijzingen naar Freud, ZiZek en J.A. Miller. De specifieke bibliografie wordt nogal summier gehouden.
Lacan pleit voor een terugkeer naar de teksten van Freud. Niemand zal het nut hiervan betwijfelen, maar we kunnen ons afvragen waarom hij kiest voor de Freud van voor 1914, waardoor het latere werk in de schaduw blijft. De auteurs beperken zi