You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Ten tijde van Freud werd de psychoanalyse gezien als nauwelijks wetenschappelijk, want niet lineair en positivistisch georiënteerd. In de tweede helft van de twintigste eeuw ontwikkelde men een nieuw wetenschappelijk denken, in twee etappes. In een eerste fase ontwikkelden wetenschappers vanuit biologie en chemie kennis en kunde rond de hersenen. In een tweede fase worden mathematische modellen en concepten gekoppeld aan het psychisme en denkt men vanuit concepten als relativiteit, niet-lineariteit, chaotische systemen.
Palombo, een psychoanalyticus uit Washington, heeft zich verdiept in het veld van adaptieve systemen, chaos- en complexiteitstheorie. Wat hij zich in dit boek voorneemt, is ambitieus en origineel: vanuit de chaostheorie wil hij een nieuw paradigma uitwerken voor het psychoanalytisch denken en handelen. Een soort eerherstel voor de psychoanalyse, die hier als een moderne wetenschap haar plaats krijgt naast de complexiteitstheorie.
De lezer wordt eerst ondergedompeld in ingewikkelde theorieën rond evolutie, metabiologie en coëvoluerende complexe adaptieve systemen. Palombo citeert hierbij grote namen uit de moderne (r)evolutietheorie. Vanuit biologische concepten maakt Palombo een reuzensprong naar de psychoanalyse als een natuurlijk laboratorium van complexe interacties. Analyticus en analysant worden gezien als een coëvoluerend complex adaptief systeem. Deze adaptatie gaat niet gradueel, maar veeleer langs korte periodes van snelle en extensieve verandering (‘mutual change’), in een systeem zonder voorspelbaarheid en gekenmerkt door plotse pieken.
Interpretaties van de analyticus hebben invloed op de gevoelens en gedachten van de analysant, door Palombo ‘attractors’, aantrekkingspunten genoemd. Interpretaties en aantrekkingspunten beïnvloeden elkaar in een coëvolutionair proces met als ultieme bedoeling nieuwe, meer aangepaste aantrekkingspunten te doen ontstaan. Analyticus en analysant raken beter op elkaar afgestemd, waarbij een meer aangepast, beter