You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Gegrepen door Alice Millers Het drama van het begaafde kind (1979) ontwikkelde Jean Jenson een ‘praktische zelfhulpversie’: Op weg naar je ware zelf (1997). Ingeborg Bosch schreef daar weer een ‘vernieuwde en meer effectieve’ therapeutische variant op: De herontdekking van het ware zelf (met een voorwoord van Jenson). Er is
blijkbaar een rechtlijnige verbinding tussen Miller, Jenson en Bosch. De teneur van beide boeken is ook zeer verwant aan het werk van Alice Miller. Als toen nog toegewijd praktiserend psychoanalytica schreef Miller enkele artikelen over narcisme en de uitwerking daarvan in de psychoanalytische behandeling en in de opvoeding. Miller behandelt daarin onder meer de problematische verhouding tussen de narcistische ouder, meestal de moeder, en het begaafde, kwetsbare, kind. Miller breidt deze visie uit tot de problematische verhouding tussen de narcistische analyticus en diens cliënt. Met de beschrijving van de excessen in de opvoeding wordt een verbinding gelegd naar de therapeutische relatie.
De dialectiek die zich vanuit Millers werk opdringt, vormt een centraal thema in het gehele psychoanalytische wetenschapsgebied (Bögels 1997). De psychoanalyse heeft als pijnlijk dilemma dat men een bepaalde mate van positieve levenservaring moet hebben gehad, wil men ervan kunnen profiteren. Wat in het psychoanalytisch jargon heet: de vroege object-relaties, moeten van een voldoende emotioneel bindende en affectief stimulerende kwaliteit zijn geweest wil men een analyse überhaupt kunnen verdragen en er baat bij kunnen vinden. Het bijbelse en wrede: ‘Wie heeft, hem zal gegeven worden’, is ook hier van toepassing. Bij onvoldoende good enough ervaring in de vroegste babytijd kan de emotionele intensiteit van de psychoanalytische behandelrelatie later ofwel niet tot stand komen, ofwel leiden tot een te sterke, onoplosbaar reële afhankelijkheid, waarbij de toxische werking van de vroege ervaringen het therapeutische proces kan gaan verstoren.
De kern van Millers we