You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Race, colour and the processes of racialization gaat niet alleen over racisme. Geschraagd door zijn persoonlijke ervaring als allochtoon in een land als Groot-Brittannië, grijpt Dalal het thema aan om een aantal kritische bedenkingen over de psychoanalyse en haar benadering van het racisme onder de aandacht te brengen. Dalal zet zich aftegen de kolonialistische opvatting dat het onderscheiden van rassen een natuurlijke, biologische grondslag zou hebben. Op zoek naar de oorsprong van de vijandigheid die aan de basis ligt van raciale en racistische vooroordelen, bladert hij in het eerste deel van het boek door de theorieën van Freud, Klein, Fairbairn en Winnicott. Uiterst summier samengevat: de destructiedrift (Freud, Klein) wordt als ‘instinctivisme’ ter zijde geschoven, als zou het gaan om een biologische, natuurlijke aandrang. Dalal stelt dat de angst die deel uitmaakt van het bestaan aan de basis ligt van de vijandigheid. Hij volgt hiermee Winnicott, nadat hij met Fairbairn de mechanismen heeft onderzocht die in gang worden gezet vanuit de vijandigheid.
De kritiek op Freuds ‘instinctivisme’ en op het ‘essentialisme’ in de psychoanalyse wordt het boek door aangehouden. Als antwoord op het hele biologische van het ‘instinct’ (Strachey's vertaling) heeft Lacan de triade ‘vraag, behoefte en verlangen’ gesmeed en van hieruit de freudiaanse drift (met de voorstellingsrepresentanten én de lust of het affectkwantum) zijn plaats gegeven. Het verwijt van ‘essentialisme’ heeft te maken met de opvatting van het onbewuste als een kelderverdieping waarmee de subjectiviteit kan worden omzeild. Aangetoond wordt hoezeer deze opvatting een obstakel vormt voor de psychoanalyse. In deze weergave van Dalal mis ik de Ik-splitsing waarmee Freud de synthetiserende functie van het Ik op de helling heeft gezet en zo de geslotenheid van zijn tweede topiek heeft heropend. Bij Lacan wordt dit het ‘gedeelde subject’, dat ontdaan is van elke essentie en tot stand komt in de verhouding met de and