You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
In het voorwoord van Father hunger schrijft Herzog over de drijvende kracht achter zijn werk: de identificatie met zijn grootvader aan moederszijde, een liberale rabbi in Berlijn, die vanuit het concentratiekamp Theresiënstadt met zijn veertienjarige zoon meeging naar Auschwitz; vrijwillig, omdat hij hem niet alleen wilde laten. Beiden kwamen om.
Herzog zegt: ‘To accompany, even in terror; to refuse to extract myself, even at a cost; and to try to help so that a person who requests my assistance, and with whom I have forged an alliance, need not do it alone - has been my guiding and abiding principle’ (p. IX). Herzog beschrijft meeslepend hoe deze leidraad in zijn psychoanalytische werk vorm heeft gekregen. Zijn boek is de neerslag van twintig jaar onderzoek naar de betekenis van de vader voor de ontwikkeling van het kind. Hij richt zich daarbij vooral op het mannelijke kind; in zijn introductie zegt hij: ‘This focus has multiple determinants, not the least of which is autobiografical’ (p. 2). Op het autobiografische karakter kom ik nog terug. Er zijn in dit boek ten minste twee rode draden; de ‘father hunger’ en de invloed van traumatisering op het vermogen tot spel als communicatie van mentale representaties. Herzog beschreef het verschijnsel, dat hij ‘father hunger’ genoemd heeft, naar aanleiding van zijn ervaringen met kinderen van pas gescheiden ouders die bij hun moeder woonden. Hij merkte hoezeer deze kinderen door het gemis van de vader kampten met hun agressie, die vaak in de verhulde vorm van nachtmerries, fobieën of depressieve symptomen te voorschijn kwam. Mede op grond van observaties van kinderen in gewone gezinnen, dus met beide ouders, concludeerde hij dat de vader nodig is om de agressie te reguleren.