You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Anton Y. Berkouwer overleed op 4 oktober 2003 op eenenzeventigjarige leeftijd. In Vlaanderen
is Berkouwer vooral bekend als psychoanalyticus die zich naast psychoanalyse in engere zin bezighield met klinische psychotherapie en milieutherapie. Handboek: de psychoanalytische setting, gepubliceerd in 2004, vormt nu deel van zijn nalatenschap en is samengesteld uit de rijpe gedachten van een analyticus op leeftijd. Berkouwer toont ons zijn innerlijk weten (p. 25), zijn eigen versie van de psychoanalytische theorie toegepast op de praktijk. Hij beperkt zich, zoals te verwachten, niet tot de klassieke banksetting en gaat eveneens in op individuele en groepsanalytische, ambulante en vooral klinische settings. De nadruk in dit boek ligt niet, zoals gewoonlijk, op de verschilen geschilpunten die rijzen bij de confrontatie met verschillende vormen van settings, maar op de overeenkomsten. Centraal staat telkens de zoektocht naar de psychoanalytische identiteit en hoe die tot uiting kan komen binnen verschillende kaders. Een psychoanalytische setting is volgens deze auteur een situatie die de bedoeling heeft een therapeutisch proces op gang te brengen, te onderhouden en te beëindigen. Deze situatie bestaat uit de interactie met de analyticus of psychotherapeut en bezit een aantal elementaire aspecten die in de verschillende hoofdstukken worden uitgewerkt. Achtereenvolgens bespreekt de auteur: tijd en duur, plek en ruimte, eigenschappen, het in stand houden, afwijken en wijzigen van de setting en de variantie in een gelijkblijvende setting. Daarenboven gaat hij in op de beleving van de setting in overdracht en tegenoverdracht en hij sluit het boek af met een hoofdstuk over de ‘metasetting van de psychoanalytische setting’. Het is onmogelijk om vanuit een vogelperspectief de rijkdom van dit boek recht te doen, daarom zal ik me toeleggen op de twee laatste hoofdstukken. Hoofdstuk 10 heeft als titel Variantie in een gelijkblijvende setting. Onder ‘variantie’ verstaat Berkouwer he