You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Lacan dringt langzaam maar zeker door in het Engelse taalgebied. Dat blijkt uit de verschijning van een aan Lacan gewijd deel uit de reeks The Cambridge Companions. De
bundel bevat vijftien hoofdstukken die geschreven zijn door auteurs van verschillende herkomst: merendeels niet uit Frankrijk afkomstig en met verschillende achtergronden binnen de lacaniaanse wereld. De toon van de stukken is ook gevarieerd.
Rabaté, de redacteur, schrijft een relativerende inleiding, Roudinesco geeft een publicatiegeschiedenis van de ‹oertekst› van het lacanisme (Le stade du miroir), Nobus geeft een schets van de Lacan van de taal met een overgang naar diens ‹topologie›: het gebruik van de wiskunde van oppervlakten (die na ontdekking in de negentiende eeuw gepopulariseerd werd in de jaren vijftig van de vorige eeuw en waar Lacan op inhaakte). Burgoyne zingt vervolgens voluit de lof van de tendens tot wiskundige formalisering bij Lacan en zegt zelfs dat de mathematische formalisering het hart van het programma van Lacan vormt (p. 83). Opvallend is dat omdat sinds Lacan deze lacaniaanse wiskunde niet verder ontwikkeld is.
Braunstein, bekend van zijn studies over het begrip ‹jouissance› wijdt daaraan een helder artikel, waarin hij ook het door J.-A. Miller bepleite onderscheid tussen een Lacan 1 (van de betekenaar) en Lacan 2 (van het reële) bekritiseert. Het onderscheid is inderdaad vrij grof, omdat van Lacan 1 eerst een soort karikatuur geboden wordt, waarop dan de ware, de verborgen Lacan (de Lacan absconditus) moet volgen.
In het stuk over Lacan en de filosofie vermijdt Shepherdson de indruk als zou Lacan de door hem behandelde filosofen beter begrijpen dan zij zelf deden evenals de indruk dat hij niet anders zou hebben gedaan dan het herschrijven van wat zij bedoelden te zeggen. Toch blijft het stuk filosofisch gezien ondanks een vrij hoge moeilijkheidsgraad uiteindelijk ietwat aan de oppervlakkige kant. De relatie tot Hegel wordt bijvoorbeeld beschreven vanuit Lacans visie op die re