You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
‹Heldhaftigheid is zuiverder en belangwekkender naarmate ze stiller is en er minder publiek bij staat te kijken, naarmate ze de held minder gewin oplevert en minder decoratief is› (Victor Klemperer. LTI — De taal van het Derde Rijk, p. 19).
De gemoederen laaiden even hevig op toen de negenenzeventigjarige Günter Grass — in het vooruitzicht van het verschijnen van zijn memoires Beim Häuten der Zwiebel (Bij het pellen van de ui) — aan de Frankfurter Allgemeine opbiechtte en publiekelijk bekende dat hij als zeventienjarige korte tijd bij de Waffen-SS had gediend.
Wat mijn aandacht wekte, was niet zozeer die verhevigde interesse voor het biografische feit dat blijkbaar — zo werd geschreven — velen uit de omgeving van Grass al lang wisten en dat allerlei officiële instanties ook al lang wisten, zelfs zodanig dat iedereen het al lang had kunnen weten en waarbij door sommigen zelfs werd gesuggereerd dat men het liever niet had geweten. Neen, dit analytisch interessante thema laat ik voor een andere keer. Evenmin waag ik mij aan een wilde analyse van waarom Günter Grass juist nú publiekelijk biechtte. Was het een bekennen van Grass uit schuldgevoel, of een niet meer kunnen zwijgen tot hij zou barsten, een vertraagd in het reine komen met zichzelf, dan wel betrof het, zoals sommige cynici beweerden, een mediagenieke en bankgunstige stunt van de uitgever?
Wat Grass gedaan had als zeventienjarige en in de jaren daarna is niet goed te praten en is verwerpelijk. Maar anders dan moraalridders die op hun paard ten strijde trekken tegen het kwade daarbuiten, hanteren analytici ruiterlijk een gelijkzwevende aandacht — wat iets anders is dan een vermeend analytische onverschilligheid — om het kwade van binnenuit te bewerken.
Mijn aandacht — als analyticus naast de bank — ging vooral naar de vaststelling van heel wat hevige reacties bij een betrokken publiek in de media op het aan het licht komen van deze schandvlek op het gezicht van onze naoorlogse held Günter Grass. De ontluistering en