You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Op een warme zomeravond die niks met de beginnende herfst te maken leek te hebben vond op 21 september 2006 het door de Nederlandse Psychoanalytische Groep (NPAG) georganiseerde symposium ter gelegenheid van de tachtigste verjaardag van Niek Treurniet plaats in de fraai gerestaureerde Eggertzaal van de Nieuwe Kerk in Amsterdam.
Zo'n zestig bezoekers, volgens mij allemaal collega-analytici, konden er mét Niek en zijn gezin genieten van de vier lezingen die te zijner ere werden gehouden.
Rob Wille, NPAG-voorzitter, heet de aanwezigen welkom. Hij schetst Treurniets ontwikkeling tot de nationaal en internationaal gewaardeerde en geliefde analyticus die hij is. Het ‹sapere aude›, de moed hebben om zelf te denken en te getuigen van de eigen inzichten, ook als dat betekent groten als bijvoorbeeld Kohut te weerspreken, combineert Treurniet met het vermogen om te verdragen níet te weten (‹without memory or desire and no understanding yet›) in de analytische setting. Als Wille een aantal belangrijke artikelen uit Treurniets werk memoreert, herkent menigeen in de zaal die als van grote betekenis voor de eigen ontwikkeling tot analyticus. Vervolgens werden we zonder pauze viermaal een klein half uur toegesproken: een gewaagde, maar in zijn uitvoering goed geslaagde opzet van de avond.
Pieter Niers, opleidingsanalyticus bij het Nederlands Psychoanalytisch Genootschap en de NPAG, hield de eerste voordracht, Omgaan met divergentie. Hij hoopte met zijn lezing te illustreren, hoe Treurniet in staat