You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Schalkwijk schrijft een breedhoekboek over en voor ons vakgebied. Het is geschreven voor lezers die de analytische klok hebben horen luiden en willen weten waar de klepel hangt.
Het eerste deel, Opmaat, is bedoeld om thuis te raken in de analytische wereld. Het gaat — meteen vertrekkend vanuit een klinisch voorbeeld — over de afkeer en fascinatie die het woord ‹psychoanalyse› opwekt, over de lusten en lasten van het verleden, over conflicten en compromissen. Ook worden belangrijke begrippen, onder andere oedipuscomplex, penisnijd, bindingsangst, narcisme, schuld en schaamte toegelicht vanuit praktijkgerichte, levensechte scenario's.
Deel 2 gaat over de geschiedenis van de psychoanalyse. Schalkwijk schetst een beeld van Freud zonder idealisering of hagiografie, met oog voor detail en voor het gewoon menselijke, maar tegelijkertijd met een brede situering. De droomduiding, de eerste gevalsbeschrijvingen en de psychoanalytische techniek worden beschouwd in hun historische context. Het gaat over het heilig vuur van de eerste Weense jaren in de woensdagavondkring ten huize Freud en het stilaan groeien van een internationale beweging met de nodige ruzies en intriges. Belangrijke dissidenten zoals Adler, Jung, Fromm en Lacan komen aan bod en worden goed getypeerd en geplaatst. Ook de geschiedenis van de Vereniging en het Genootschap wordt nog eens uitvoerig uit de doeken gedaan. Aan geschiedenisboeken in Nederland geen gebrek (Freud en Nederland, Psychoanalyse en Nederland, Freud in Nederland): een luxe die Vlamingen niet kennen.
In deel 3 bespreekt Schalkwijk vertakkingen en nieuwe trends binnen de psychoanalyse. De Engelse traditie met zijn drie groepen, freudianen, kleinianen en ‹independents›, komt kort in beeld. Amerika wordt getypeerd via de dualiteit egopsychologie en afweermechanismen versus zelfpsychologie met de nadruk op het narcisme en zijn lotgevallen. De nieuwere hoofdstroming, de intersubjectieve psychoanalyse, krijgt hier maar een erg bescheiden plaats. Ogden