You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Bestaat het oedipuscomplex wel? Is het een universeel verschijnsel? Is het oedipuscomplex biologisch bepaald? Is er na Freud nog wel ruimte voor het oedipuscomplex? Kortom: leeft koning Oedipus nog wel of is hij alleen maar van zijn troon gestoten? Vragen die binnen de psychoanalytische wereld actueel zijn en daarbuiten ook wel leven. In de serie Vragen aan Freud bespreken twee Vlaamse psychoanalytici het oedipuscomplex zoals dat zich in zijn honderdjarig bestaan heeft ontwikkeld tot op de dag van vandaag. Volgens de achterflap van dit boek zou de status van het oedipuscomplex samenhangen met een al of niet blijvend belang van de psychoanalyse in onze cultuur. Er hangt dus veel van af.
Parallel aan de discussie over het oedipuscomplex loopt het nurture-naturedebat, dat op scherp wordt gezet door het onderzoek bij ‹wolfskinderen›, zoals l'enfant sauvage d'Aveyron en het meer recente geval van het meisje Genie uit Los Angeles, dat op veertienjarige leeftijd in aanraking kwam met hulpverlenende instanties, nadat zij twaalf jaar van haar leven had doorgebracht in een kelder, vastgebonden aan een stoel. Zij was door haar waarschijnlijk schizofrene vader opgesloten en kreeg van hem water en voedsel maar hij sprak geen woord met haar; af en toe liet hij alleen maar wat gegrom horen. Genie gedroeg zich bij haar vondst als een zeer in zichzelf gekeerd meisje dat geen woord sprak. De wetenschappers lieten alle mogelijke tests en onderzoeken op haar los. Deze onderzoekingen stonden in het teken van het nurture-naturedebat. Wat is bij de mens aangeleerd en wat is genetisch verankerd? Genie had haar moeder na de geboorte nauwelijks gezien; zij was ernstig depressief. Vader liet zich alleen zien als een grommende beer die voedsel bracht. Wat kan er van een dergelijk kind terechtkomen? Hoe heeft Genie zich gespiegeld aan de ander? Heeft de Ander zich überhaupt in haar bestaan geïnstalleerd en hoe? Is er sprake geweest van een tweede Ander, waarmee doorgaans het oedipale register wo