You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Bestaande overzichten van psychische stoornissen zoals de DSM stellen dat iemands symptomen de meest betrouwbare manier zijn om deze stoornissen te ordenen. Speculeren over een innerlijke en/of onbewuste wereld wordt daarbij als nietwetenschappelijk ter zijde geschoven. Het resulterend werkstuk is dan ook voor velen een wel uitvoerig en overzichtelijk maar tegelijk te oppervlakkig geheel.
De Psychodynamic Diagnostic Manual (PDM) is het resultaat van de gezamenlijke inspanning van bijna uitsluitend Amerikaanse verenigingen die geestelijke gezondheidszorg benaderen vanuit een dieptepsychologische visie op emotioneel, sociaal en gedragsmatig functioneren. Door zowel aan de oppervlakte als meer in de diepte te kijken wil de PDM een vollediger inzicht mogelijk maken in het functioneren en de ontwikkeling van brein en geest, waardoor er ruimte komt voor verdere evolutie in diagnose en behandeling. In die zin wil de PDM een dieptedimensie toevoegen aan de DSM. Daarvoor baseert de PDM zich op actuele neurowetenschappelijke en effectonderzoeken die het belang aantonen van het focussen op de volledige range en diepte van emotioneel en sociaal functioneren. Al eerder waren er pogingen om de spanningsboog tussen psychiatrie en psychoanalyse te verkleinen. Enkele jaren geleden beschreef Vermote (2000) hoe een psychoanalytische diagnostiek de verschillende DSM-persoonlijkheidsstoornissen op een spectrum tussen neurose en psychose kan plaatsen. In de PDM is ook het werk