You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Op één uitzondering na zijn alle veertien hoofdstukken in The many voices of psychoanalysis bewerkingen van lezingen en reeds elders gepubliceerde artikelen van de huidige voorzitter van de British Psychoanalytical Society. Het boek geeft een beeld van Kennedy's ontwikkeling als psychoanalyticus.
Hij behoort — met onder meer Winnicott, Klauber en Bollas — tot de zogenaamde ‹Independent tradition›. In de inleiding probeert hij de ‹Independent thinking› te karakteriseren. De objectrelatietheorie en de intersubjectiviteit staan er centraal. Independents hebben, overeenkomstig het Britse empirisme, een open geest. Zij vormen geen school die polemiseert over een bepaald theoretisch of technisch standpunt, ze zijn geen aanhangers van een bepaalde theorie maar delen een attitúde. De Independents hechten veel belang aan de relatie van de psyche met de omgeving, pathogenese is nooit louter intrapsychisch. De emotionele uitwisseling tussen analyticus en patiënt en de levensgeschiedenis van deze laatste zijn beide belangrijk. Overdracht en tegenoverdracht vormen geen ‹totale situatie› maar zijn slechts één aspect van de analytische relatie. De Independent analyticus kan onzekerheid verdragen en staat open voor het ongekende. Hij plaatst de psychoanalyse in een interdisciplinaire context en wil leren van andere kennisgebieden, zoals de filosofie en de natuurwetenschappen. Bovendien erkennen de Independents de dualiteit van spontaneïteit en discipline in het klinische werk. De Independent Group wordt in plaats van ‹middle› ook wel ‹muddled› genoemd, maar volgens Kennedy vormen haar theoretische onzekerheid en onbepaaldheid eerder een kracht dan een handicap. Kortom: de Independent analyticus moet naar vele analytische stemmen kunnen luisteren om zich rekenschap te geven van de complexiteit van de binnenwereld van de patiënt. Vandaar de many voices uit de titel. Kennedy onderschrijft dan ook Bollas' motto dat elke freudiaan soms ook een kohutiaan, een kleiniaan, een lacaniaan en