You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Gerhard Fichtner, emeritus hoogleraar geschiedenis van de psychiatrie en psychoanalyse, publiceert in ieder nummer van het Jahrbuch der Psychoanalyse een tot dan toe ongepubliceerde brief van Freud en bespreekt deze. Daarmee worden steeds weer enkele nieuwe feiten over het leven van Freud toegevoegd aan wat reeds bekend was. In het laatste Jahrbuch (57) staat bijvoorbeeld een brief van Freud aan Jeanne Lampl-de Groot. Tussen Freud en Jeanne Lampl heeft een uitgebreide correspondentie bestaan. Hun briefwisseling ligt in de Library of Congress in Washington en kan ingezien worden. In het hier besproken Jahrbuch 55 gaat het om een brief van Freud aan Samuel Hammerschlag uit 1885.
Samuel Hammerschlag was Freuds godsdienstleraar op het gymnasium. Toen Freud nog op school zat werd hij al thuis uitgenodigd bij de familie Hammerschlag (ouders en vier kinderen), voor wie hij altijd grote waardering heeft gehad. Een speciaal contact had Freud met Anna Hammerslag , het tweede kind uit de rij. Toen hij voor het eerst bij de Hammerschlags kwam, was Anna nog een kind van elf of twaalf jaar. Zij was de enige vrouw buiten zijn familie die hij zijn leven lang getutoyeerd heeft. Freud schrijft de brief vanwege het huwelijk van Anna met Rudolf Lichtheim. Het huwelijk heeft kort geduurd, want Rudof Lichtheim stierf acht maanden later aan tuberculose. Anna is onder een andere naam een beroemdheid in de psychoanalytische literatuur. Irma uit Freuds Irmadroom was samengesteld uit drie personen en Anna was er één van (brief van Freud aan Abraham van 9 januari 1908). Een ander interessant artikel in dit Jahrbuch is: Die dunklen Seiten eines Dandys — Oskar A. H. Schmitz in der Analyse bei Karl Abraham, door Wolfgang Martynkewicz. Oskar Schmitz was aan het begin van de vorige eeuw een bekende Duitse schrijver, die later in de vergetelheid is geraakt. Hij heeft een reeks romans, essays en reisverhalen gepubliceerd en hield daarnaast dagboeken bij in de periode 1896-1918. Deze dagboeken zijn nu