You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
De in Vlaanderen gerenommeerde jeugdpsychiatrische afdeling De Kade van het Universitair Psychiatrisch Centrum Kortenberg heeft een ambitieus plan: men wil jaarlijks twee studienamiddagen over adolescentenpsychiatrie organiseren. Op 18 februari 2009 vond de eerste plaats en die was meteen een schot in de roos. Niet alleen omdat veel belangstellenden op de affiche (!) waren afgekomen maar vooral ook omdat het programma Van identiteit naar persoonlijkheid de afdeling meteen de kans gaf om een duidelijk visitekaartje af te geven.
Het is vrijwel onmogelijk het gebodene samen te vatten. Daarvoor was de inhoud te rijk en waren de invalshoeken te veelzijdig. Ik moet me dus beperken tot enkele krachtlijnen die ik wil ondersteunen met een keuze uit oneliners die zijn blijven hangen. Psycholoog-psychoanalyticus Rudy Vandenborre leidde uitvoerig in onder de titel Ik ben niemand. In een associërende rijke tekst dacht hij zowel over de opzet van de studiedagen (‹klinisch ontdekken confronteren met wetenschappelijk bewijzen›) als over de jeugdkliniek waar het om identiteit zoeken gaat. Het onderwerp van de dag formuleerde hij in de vraag: ‹Scharniert een adolescentaire identiteit naar een volwassen persoonlijkheid?› Of in het pathologische register: ‹Kantelt identiteitsverwarring naar een persoonlijkheidsstoornis?› Centrale stelling: een eenduidige identiteit bestaat niet, of als ze bestaat dan is dat ‹normopathisch› (Jean Oury): ongezond. Wat te doen? Ook dit: de persoonlijkheidsproblemen van de adolescent kunnen het best dienst doen als aanzet voor gedachten over de jongere en kunnen beter niet met een reducerende diagnostische bril bekeken worden. De adolescentie is een transformatiecyclus. Deze visie houdt ook een waarschuwing in. De ontwikkeling van een persoonlijkheid kan in gevaar gebracht worden door een al te wetend, al te machtig antwoord, bijvoorbeeld in de vorm van een persoonlijkheidsdiagnose. En dus pleit hij ervoor een bepaald soort weten omzichtig te gebruiken in d