You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Echte scholars bestaan nog: wetenschappers die zich omwille van het weten verdiepen in iets dat hun na aan het hart ligt, maar dat niet hun eigen vak is. De Amerikaanse hoogleraar geschiedenis Judith Hughes is zo iemand. In 1971 publiceerde ze over de aanleg van de Maginot-linie in Frankrijk, daarna over persoonlijke relaties tussen wereldleiders op topontmoetingen en sinds 1989 publiceert ze ongeveer elke vijf jaar een boek over psychoanalyse. Ook haar nieuwste boek, Guilt and its vicissitudes, is het product van een uitgebreide literatuurstudie. Hughes beschrijft de ontwikkeling van het concept schuld bij Freud en Klein tot en met de zogenaamde ‹Controversial Discussions› in de jaren veertig, waarin de Engelse analytici hun theoretische verschillen bespraken en bevochten. Veel bekende gevalsbeschrijvingen passeren de revue, wat soms tot een gevoel van herhaling leidt, soms tot een verfrissende kijk op de bekende teksten. De kracht van het boek ligt in de bespreking van schuld; wie afgaat op de ondertitel en verlangt naar een verhandeling over moraliteit, blijft op zijn honger zitten. Hughes definieert moraliteit in de inleiding als een individueel psychologisch fenomeen, en daarmee is de psychoanalyse automatisch ook een morele psychologie: ‹Both Freud and Klein implicitly took this line. A moral sense, they presumed, is natural but not native: it does not start at birth; it is an emergent phenomenon› (p. 4). Na deze inleidende woorden komt het begrip moraliteit echter alleen nog impliciet aan de orde.
Freud situeert het concept ‹schuld› in zijn antropologische essay Totem en taboe als voortkomend uit de driftmatige wens de plaats van de vader in te nemen. Hij kent aan schuld daarmee de status van een universeel verschijnsel toe. In de individuele ontwikkeling van de mens ontstaat schuld in de loop van de afwikkeling van de oedipale fase en is verbonden met het Boven-Ik. Freud introduceert drie aspecten van de mogelijkheid schuld te ervaren: almacht van gedachten,