You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
In totaal negentienhonderd mensen bezochten het zesenveertigste IPA-congres in Chicago, onder wie circa twaalfhonderd IPA-leden en driehonderd analytici in opleiding. Dit gezelschap was voornamelijk afkomstig uit Noord-Amerika (42 procent), uit Europa (36 procent), en Latijns-Amerika (22 procent).1 Vanwege de kredietcrisis liep
de inschrijving wat minder vlot dan gebruikelijk. Waar het in 2007 overboekt was, werd dit keer de korting voor de ‹early bird booking› keer op keer verlengd tot heel dicht bij de startdatum. Ook sprak de tijdgeest uit de expliciete verklaring vooraf van iedere spreker dat deze op generlei wijze beïnvloed werd door persoonlijke financiële relaties of belangen. Klaarblijkelijk een nieuwe verplichting.
Het thema was dit jaar ‹Psychoanalytic practice: convergences and divergences›. Een breed thema: met de psychoanalytische praktijkvoering als uitgangspunt kon men heel divergent alle kanten op. Dit gebeurde ook, niet alleen vanwege het thema zelf maar mede door het ongelofelijk brede aanbod aan activiteiten. Er zijn ‹keynote lectures›, ‹major lectures›, panels, er zijn grote en kleine discussiegroepen, cursussen, ‹meet-the-analyst›-bijeenkomsten, workshops met klinische presentaties, films, dit alles gepresenteerd door leden van de IPA uit allerlei landen en culturen. Ook België en Nederland waren goed vertegenwoordigd diverse panels en groepen. Een Japans IPA-lid constateerde verheugd dat hun vereniging dit keer voor het eerst in een panel vertegenwoordigd was: Psychoanalysis in a shame culture — Japanese psychoanalytic insights.
Het honderddertig pagina's dikke boekwerk waarin de honderdachtentwintig activiteiten gepresenteerd worden was in eerste instantie vooral overweldigend en gaf aanvankelijk