You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Het oedipuscomplex met zijn vertakkingen, in het bijzonder de penisnijd en de castratieangst, is wat in de versukkeling geraakt. Wie wil er vandaag nog zijn vader vermoorden en met zijn moeder trouwen? Zo is deze poging om de transformatie van kleuter tot mens te begrijpen tot voer geworden voor humoristen en zelfs dat niet meer. Het oedipale leeft in de praktijk nog door in zijn voorstadium: het preoedipale. Dat is nog wel een rijke bron van klinische exploratie, theoretische uitleg en praktische toepassing.
De Gentse hoogleraar Paul Verhaeghe heeft met een dun maar extreem rijk boek het preoedipale en het oedipale bij elkaar gevat en ze tezamen in ere hersteld. Daartoe heeft hij Freuds en Lacans teksten over het oedipuscomplex grondig doordacht en afgestoft. Dat heeft een essay opgeleverd dat het bekende met het onbekende mengt tot een consistente theorie, die onverwachte doorkijkjes biedt.
Centraal bij hem staat de functie van de oedipale structuur: het individu moet zich een identiteit zien te verwerven. Hij moet leren omgaan met zijn driften en de omgeving waarin hij leeft. Dan gaat Verhaeghe op geleide van Lacan zijn eigen weg. De klassieke opstelling wil dat het kind het genot zoekt bij moeder en dat de vader het verbod daarop vertegenwoordigt. De freudiaanse casestudies (Dora, De Wolvenman, De kleine Hans) zijn gebouwd rond deze thematiek, ook al is die dan nog niet volledig expliciet gemaakt. Verhaeghe gaat het diepst in op de geschiedenis van kleine Hans. Diens vader Max Graf rapporteerde bij Freud over de fobische ontwikkeling bij zijn zoon Hans. Freud presenteert het verhaal klassiek. Hans houdt van zijn moeder en wil haar voor zichzelf alleen hebben. Hans meent dat zijn vader daar kwaad over is en hem bedreigt met castratie. Verhaeghe ziet in de tekst dat het deze vader juist niet lukt de positie van de vader in te nemen. Hij is bezig zijn vrouw, de moeder van Hans, te verliezen in een echtscheiding, en Hans is vooral bang voor moeder, die via eenvoudige