You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Bovenstaand citaat, afkomstig uit Shakespeares Richard III, vormde het Leitmotiv van het vijfde symposium van de Nederlandse Psychoanalytische Groep. Freud parafraseerde het als volgt: ‹De natuur heeft mij groot onrecht aangedaan door me de welgevormdheid te onthouden waarmee men de liefde van de mensen wint. Het leven is mij daarvoor schadeloosstelling schuldig. Ik maak er aanspraak op een uitzondering te zijn. Ik mag zelf onrecht doen, want mij is onrecht gedaan.›Volgens Freud is dit een aspect dat wij ook in onszelf aantreffen.
Voorafgaand aan het symposium werd in de ochtend op de Swammerdamstraat een gevarieerd programma aangeboden met parallelworkshops rond verschillende thema's. De workshop Creëren van psychoanalyses werd ingeleid door Rob Wille met een schets van de historische ontwikkeling, waarin hij de paradigmaverschuiving beschreef van one person psychology naar two person psychology. ‹Objectief meten van de analysegeschiktheid›van de patiënt maakt plaats voor een ‹intersubjectieve ontmoeting›van het analytische koppel als indicatief voor een mogelijke analyse. Daarbij is sprake van toenemende aandacht voor onbewuste en non-verbale, naast bewuste en verbale interactionele processen in het hier en nu. In het analytisch denken binnen de Groep staan begrippen als ‹szenisches Verstehen›, ‹handelingsdialoog›en ‹enactment›centraal. Uitgangspunt is dat de patiënt tij dens het eerste gesprek onbewuste conflicten in scène zet die door de analyticus begrepen en geduid kunnen worden. Wille benadrukte de rol van onzekerheid en ambivalentie van de psychoanalyticus bij het creëren van psychoanalyses en het doorslaggevende belang van de psychoanalytische identiteit. De workshop Onbewuste communicatie, onder leiding van Douwe Jongbloed, sloot hier nauw op aan. Hij vergeleek de analytische setting met de vroege moederkindrelatie. Ter beschrijving van de onbewuste communicatie haalde hij Freuds beeldspraak aan van de ondergronds lopende telefoonverbinding, waarbij volgens