You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Wanneer ik tegenover mijn collega's de vrees uitspreek dat het einde van de psychoanalyse nabij is, kijken zij mij wat meewarig aan en vragen: ‹Was je dan niet bij de begrafenis?›
Steeds minder hoor ik in professionele kringen praten over psychoanalytische onderwerpen, en in psychiatrische kringen begint het zelfs verdacht te worden wanneer je daarmee aan komt zetten. Laatst was ik bij een bijeenkomst over psychotherapie op internet en wierp de vraag op of het subject niet achter de schermen dreigde te verdwijnen bij deze praktijken. Ik werd zowat de zaal uitgehoond en de inleider over het onderwerp liet zich ontvallen dat hij doodmoe werd van dit soort vragen, terwijl de nood in GGZ-land zo hoog oploopt. Er moet iets gebeuren en aan dit soort luxe overwegingen hebben we geen behoefte. Einde discussie. De dialoog was gestopt.
Dat is nu juist wat Hubert Van Hoorde niet wil: het staken van het gesprek tussen psychoanalyse en psychiatrie — het waren overigens voornamelijk psychiaters die deelnamen aan het congres over psychotherapie en cyberspace.
Volgens de subtitel van zijn boek Psychiatrie & psychoanalyse — Een volgehouden dialoog bepleit Van Hoorde een voortgang van de dialoog tussen beide. Het ‹volgehouden› heeft misschien iets krampachtigs: ‹Nog effe volhouden jongen, nog twee baantjes›, of iets van een aanmoediging, misschien wel tegen beter weten in. Van Van Hoorde kan in ieder geval niet worden beweerd dat hij niet zijn best heeft gedaan beide domeinen met elkaar in dialoog te brengen. Bijna ieder artikel ademt de sfeer van een ontmoeting van psychiatrie en psychoanalyse, soms is er zelfs sprake van een botsing, maar iedere tekst is kritisch.
In een soms wat negentiende-eeuws proza zet de auteur zijn ideeën uiteen; doorwrocht, erudiet, soms met humor en wijsheid, maar altijd proef je de betrokkenheid op zowel de psychoanalyse als de psychiatrie. De sprekende casuïstiek geeft telkens blijk van zijn geëngageerdheid. Kritisch blijft hij altijd en ook altijd met stijl