You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Om toch maar eens met cijfers te beginnen (naar het schijnt liegen die niet): naar schatting pleegt elke tweeëndertig seconden een mens zelfmoord, dat zijn er wereldwijd zowat één miljoen per jaar. In ons taalgebied spant België de kroon: tweehonderdvijftig zelfmoorden per miljoen inwoners, tegenover ‹slechts› honderd in Nederland. In het Westen is zelfmoord een van de belangrijkste doodsoorzaken. En dan spreken we nog niet van het aantal duidelijke en verdoken zelfmoordpógingen. Ook al liegen cijfers niet, ze verzwijgen wel de onbecijferbare pijn die erachter verscholen ligt. Evenmin zeggen ze iets over de zeer diverse factoren die erin meespelen en over de complexiteit van de onderliggende processen. Maar één ding tonen ze zeker: we kunnen niet om de zelfdestructieve tendens in de mens heen.
Ook de psychoanalyse heeft daarover een en ander te zeggen. Het bestaansrecht in dit verband van het — voor velen obsolete — concept van de doodsdrift is wat mij betreft nog niet uitgeput. In veel psychisch lijden vormt zelfdestructiviteit een belangrijk aandeel. We kunnen ‹psychische zelfmoord› het exces noemen van de meest uiteenlopende gradaties waarin een mens — al dan niet als reactie op onverwerkt trauma — zijn psychische ruimte kan zien verschrompelen en verbrokkelen. De ontbindende doodsdrift is erop gericht alle psychische ruimte in zich op te zuigen. De tegenbeweging hiervan, de expánsie van de psychische ruimte, heet tegenwoordig het doel te zijn van de psychoanalytische therapie. Met of zonder financiering vanuit de ziektekos-tenverzekering, de psychoanalyse staat in dienst van het leven. Maar is het precies niet daarom beter dat ze de zelfondermijningscapaciteiten van het subject niet al te zeer verwaarloost en de evidentie van zijn zelfbehoud niet te hoog inschat?
Onze alledaagse — eerzuchtige of erotische — dagdromerijen en fantasieën mogen dan aan een innerlijke, algemeen menselijke drang ontspruiten, ze zijn niet iedereen in dezelfde mate gegeven. De ‹representa