You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
De wereld is vol geluiden, die zowel van buitenaf als van binnenuit komen. De stem van de Ander gaat over alle aspecten van verbale hallucinaties. De auteur behandelt dit onderwerp grondig en academisch. Etymologische en filosofische beschouwingen, evenals de geschiedenis van de psychiatrie komen uitvoerig aan bod in zijn zeker niet luchtige exposé. Definities en indelingen komen daarbij in die mate voor dat het soms wat saai en weinig praktijkgericht dreigt te worden.
Maar er zijn heel wat interessante gedachten en feiten te lezen in dit boekje. Vooral de historische schetsen vond ik zeer lezenswaard. Ik geef enkele voorbeelden.
Victor Kandinsky (oom van de bekende schilder), een psychiater die zelf leed aan psychosen, publiceerde verschillende studies over het onderwerp. De levendigheid en authenticiteit van zijn relaas over zijn eigen hallucinatoire ervaringen waren voor die tijd (tweede helft negentiende eeuw) uitzonderlijk en baanbrekend te noemen. Hij definieert zijn ervaringen als ‹pseudohallucinaties›, niet voortvloeiend uit de buitenwereld of vanuit iets bovennatuurlijks, maar louter subjectieve waarnemingen, die in levendigheid en karakter lijken op echte hallucinaties maar geen objectieve realiteit bezitten.
De Kroon beschrijft uitvoerig het korte leven van Jeanne d'Arc (vijftiende eeuw) en de stemmen die zij hoorde vanaf haar dertiende jaar. Het leverde haar zowel de brandstapel op als een heiligverklaring bijna vijfhonderd jaar later.
De centrale stelling in dit boek is dat een hallucinatie niet zozeer een waarnemingsstoornis is als wel een denkstoornis. Het waarnemen en de hallucinatie in het bijzonder kan men niet loskoppelen van het denken, het interpreteren. Door de waarneming te bestuderen in samenhang met het denken en de interpretatie brengt De Kroon de hallucinatie in nauwe relatie met het symbolische systeem bij uitstek, de taal, het middel dat de interpretatie mogelijk maakt. En hier komt Lacan om de hoek kijken: het symbolische, de Ander, gaat aa