You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Recidiverende onverwachte paniekaanvallen met vermijdingsgedrag als gevolg: het lijkt voor vele psychotherapeuten gesneden koek om dit gedragstherapeutisch aan te pakken via cognitieve veranderingen, gedragsveranderingen en het leren hanteren van lichamelijke verschijnselen (Van Balkom e.a. 2011). Maar dit is nu net niet de visie van Busch, Milrod, Singer en Aronson. Zij doen niet flauw over de waarde van cognitieve gedragstherapie bij deze problematiek, maar promoten zelf dynamische psychotherapie om te focussen op de onderliggende betekenis van paniek- en angstsymptomen.
Deze ‹manual› staat vol voorbeelden, heel vaak gaan de gevalsbeschrijvingen in essentie over een dubbelzinnige houding tegenover separatie, over woede in het kader van gehechtheid. Ouders worden meestal ervaren als afwezig, incompetent of afwijzend. Paniek verwijst dan naar agressie jegens de ander, maar ook angst voor diezelfde ander, en naar zelfbestraffing en verzorgd willen worden.