You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
In het domein van de psychiatrie en de psychotherapie verschijnen er met enige regel-maat handboeken en overzichten van diverse deelgebieden. Zo kennen wij inmiddels de handboeken Psychose, Stemmings-stoornissen, Cognitieve gedragstherapie, Rehabilitatie et cetera. Een zichzelf respecterend deelgebied als de psychoanalyse kon dan ook niet achterblijven en is op de markt gekomen met een kloek gebonden hardcover van wel 736 pagina's. Voor uw recensent was het geen geringe opgave om deze verzameling van hoofdstukken met heel veel tekst per bladzijde van kaft tot kaft door te werken. Want dat wilde ik: alles lezen om een goede indruk te krijgen wat dit Handboek te bieden heeft, en dan kan men zich er niet met een jantje-van-leiden afmaken en dient men ook de wat minder interessante hoofdstukken te lezen. En zo heb ik mij toch nog kunnen laten verrassen, vooral tegen het einde van het boek, waarin de thema's wat losser van de strakke psychoanalyse kwamen te staan.
Het Handboek psychodynamiek gaat over de psychoanalyse in al zijn schakeringen. De geschiedenis van de psychoanalyse komt niet expliciet aan bod, maar bijna ieder hoofdstuk laat wel iets doorschemeren van de ontstaanswijze van de besproken richtingen. Natuurlijk wordt regelmatig teruggevallen op de teksten van Freud zelf, de founding father van de psychoanalyse.
Honderdvijfentwintig jaar na het begin is de psychoanalyse in haar klassieke vorm op sterven na dood. Dat neemt niet weg dat haar invloed in de dagelijkse praktijk van de huidige psychotherapie nog zeer goed merkbaar is. Zelfs de cognitieve gedragstherapie, van oudsher de gedoodverfde tegenstrever van de psychoanalyse, heeft zich erdoor laten beïnvloeden.
Laat ik van deze recensie maar een autofictie maken, want de inhoud in extenso weergeven is onmogelijk. In mijn reis van kaft tot kaft heb ik kunnen constateren dat er maar weinig slips of the pen in staan: de een is opvallend en de ander is een ‹knip en plak›-oneffenheid. Deze laatste betreft een alinea