You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
In de loop van de theoretische en technische seminaries, de gesuperviseerde therapieen en de eigen leertherapeutische ervaring kreeg ik het gevoel dat een van de meest waardevolle dingen die ik in deze opleiding leerde ontwikkelen de zogenaamde ‹negatieve capaciteit› is. Het begrip ‹negative capability› werd eerst door de dichter John Keats geïntroduceerd, en later door onder anderen Wilfred Bion opnieuw ingevoerd. Keats omschreef ‹negative capability als ‹being capable of being in uncertainties, mysteries, doubts, without any irritable reaching after fact and reason›.
Aanvankelijk moest ik erg wennen aan de verschillende visies op psychoanalyse en psychoanalytische therapie die naast elkaar werden gepresenteerd door verschillende docenten. Zo vonden sommigen dat je eerder in de overdracht moest werken, anderen eerder met de overdracht. Het uitblijven van definitieve antwoorden op de vragen die ik had en het niet ontvangen van richtlijnen waarvan ik hoopte dat die me houvast konden bieden, was toen frustrerend. Geleidelijk aan kon ik me hier echter beter in schikken en werkte het zelfs bevrijdend om een eigen stijl te kunnen zoeken in de eerste langer lopende psychotherapieën die ik begeleidde.
‹Negatieve capaciteit› werd door Bion ook gezien als de ideale houding van de therapeut in de therapie. Dit ‹niet (zeker) weten› werd voor mij op die manier uiteindelijk ook iets wezenlijks van het therapeutzijn: het stimuleert om te blijven luisteren naar de patient, creeert een zekere openheid in de therapie, maakt het mogelijk onderwerpen bespreekbaar te maken die dat tevoren niet waren en stimuleert de creativiteit. Het betreft niet een ‹passief nietweten›, door een gebrek aan kennis, maar een fundamentele agnostische houding, echter niet in de religieuze betekenis van het woord. Ik heb het idee dat de opleiding deze capaciteit gestimuleerd heeft en ondervind ook geregeld buiten het strikt psychotherapeutische kader, bijvoorbeeld in het ruimere psychiatrische werk of zelfs