You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
In mijn werk als forensisch rapporteur over jeugdige verdachten bleek een van de moeilijkste opgaven te zijn een uitspraak over de gewetensontwikkeling te doen. Sinds kort ben ik geregistreerd in het Nederlands Register Gerechtelijk Deskundigen, en nu durf ik wel op te schrijven dat ik het eenmaal zelfs presteerde een rapportage in te leveren waarin de gewetensontwikkeling helemaal niet aan de orde kwam. Ik voelde me gesteund in mijn worsteling hiermee door het proefschrift van Le Sage (2005), die schreef dat het theoretisch kader daarvoor schrijnend afwezig is. Sinds geruime tijd heb ik mij uitvoerig in het geweten verdiept, waarbij mijn theoretische en klinische ervaring als psychoanalyticus en psychoanalytisch psychotherapeut de kraamkamer van mijn gedachten vormt. Door de beperkte omvang van een artikel als dit kan ik hier slechts een gedeelte van deze gedachteontwikkeling weergeven.
Dat we een geweten nodig hebben, staat buiten kijf. De mens moet zijn streven naar volledige behoeftebevrediging in toom houden, en compromissen sluiten om de innerlijke onlust te reguleren. Het geweten vervult hierbij een belangrijke rol. In de verschillende psychoanalytische scholen is veel geschreven over ontwikkeling en functioneren van het geweten, vrijwel zonder uitzondering in termen van driften en de verhouding tussen Ik en Boven-Ik (Schalkwijk 2012a). Het metaforische karakter van het driftmodel is voor mij een belemmering voor de verdere wetenschappelijke ontwikkeling van de psychoanalytische behandelingsmethode en metapsychologie, vandaar dat ik zoek naar een beter operationaliseerbaar conceptueel kader. In dit tijdschrift pleitte ik al eens voor een emotietheorie (Schalkwijk 1997). Ook andere auteurs kiezen daarvoor, bijvoorbeeld door Freuds affecttheorie te verbinden met Tomkins emotietheorie (Holinger 2008) of door een specifiek psychoanalytische emotietheorie te ontwikkelen (Lichtenberg e.a. 2011). Hoe precair zo'n keuze is, moge blijken uit de titel van het artikel va