You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Alweer voor de achtste maal organiseerde de Nederlandse Psychoanalytische Groep (NPAG) haar congres. Uniek is, dat alle voordrachten en workshops alleen door leden van de NPAG gehouden worden. Het congres heeft duidelijk zijn plaats verworven: alle onderdelen waren volgeboekt. Vrijdag de negentiende waren er klinische voordrachten van Mei Thung en Jos van Mosel over de huid, van Sylvia Janson over Winnicott en van Marja Wille over het modificeren van de setting, en 's middags refereerden leeranalytici uit eigen werk — een goede kans om eens in de keuken van de psychoanalyse te kijken. Van deze dag heb ik geen verslag, daar ik daar niet aanwezig was.
Zaterdagochtend de twintigste gaven Douwe Jongbloed en Margaret Hagenbeek een workshop over onbewuste communicatie. Niet deelnemen bestaat niet, er is altijd communicatie die onbewust verloopt, zei Freud al, zo begon Jongbloed zijn verhaal. Vervolgens schetste hij de ontwikkeling van het denken over onbewuste communicatie in de psychoanalyse, neurobiologie en cognitieve psychologie. Hij eindigde bij het Duitse begrip ‹das szenische Verstehen›. Dit zijn gezamenlijk, door analyticus en patiënt gecreëerde beeldvoorstellingen, die per definitie non-verbaal zijn.
Met dit begrip werden we het volgende deel van de workshop ingeleid; het vignet van een psychoanalyse, het vervolg van een vorig jaar ook gerefereerde analyse. De presentatie van het klinische materiaal werd steeds afgewisseld met vragen aan de deelnemers naar het szenisch Verstehen. Er werd door de deelnemers actief geassocieerd, waardoor het inzicht in het gerefereerde materiaal weer dieper werd.
Ook in de workshop van Pieter Niers zit continuïteit. Voor de zesde keer gaf hij een workshop ‹vanuit kleiniaans perspectief›. Elk jaar belicht hij een ander aspect van het kleiniaanse denken, dit jaar Psychic retreat, onbewuste fantasie en splijting.
‹Psychic retreat› is de naam die John Steiner gaf aan wat hij eerder ‹pathologische orgaisatie› noemde. Hij doelt daarmee op ee