You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Let us therefore clearly keep before our minds the difference between technique and the carrying through of a treatment (Winnicott 1955, p. 9).
Waar groepen van mensen samenwerken, zijn onder de oppervlakte onbewuste, irrationele gevoelens en gedachten aan het werk en worden deze in toom gehouden door afweermechanismen. Wat men opmerkt in de bewuste waarnemingssfeer is het resultaat van dit samenspel.
Bedrijven, centra voor geestelijke gezondheidszorg, financiële instellingen, somatische afdelingen binnen een ziekenhuisstructuur, rechtbanken, gevangenissen, scholen, analytische verenigingen, … alle zijn het levende organisaties van mensen die zich binnen deze context uiten. Een gezond systeem is in staat om voor langere tijd een open, vertrouwensvol en productief werkklimaat te garanderen. Vaak is een organisatie echter ziek — tijdelijk of constant — en een voedingsbodem voor angst en conflict. Men kan er dan depressieve en manische tot psychotische structurele disfuncties aantreffen, waarin de individuele werknemers hun rol spelen. Soms is de psychopathologie van één of meerdere individuen een dominante factor in de systemische pathologie, maar het analytisch werken met dergelijke bijzondere settings gaat uit van het feit dat het de organisatie is die ieder zijn rol laat spelen, en ja, soms ook het slechtste in iemand naar voren kan brengen (Huffington e.a. 2004; Sutton 2013).
De analyticus of analytische therapeut verlaat in de bijzondere settings zijn spreekkamer en hanteert een andere werkwijze dan gebruikelijk is bij de behandeling van individuele, relationele of gezinsproblematiek. De principes zijn echter dezelfde en richten zich op het vertrouwde interne analytische