You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Ludi Van Bouwel, de drijvende kracht (samen met Dirk De Wachter) achter de studiedag van het netwerk Nederland-Vlaanderen van de ISPS1opende de tiende aflevering ervan. Zij memoreerde dat ‹de kanteling van de psychose› voor deze dag inhield dat nu eens niet de dopaminehuishouding in het striatraal-thalamische systeem aan de orde was, maar de psychische aspecten die een rol spelen bij het ontluiken van de psychose; meer verstehen dan erklären dus. Een meer gerenommeerde spreker op dit gebied dan Darian Leader is moeilijk denkbaar. In zijn meest recente boek What is madness? doet hij zijn reputatie de moeilijkste analytische theorieën op een heldere wijze te presenteren alle eer aan.2Dat de Nederlandse vertaling van dit werk onlangs verscheen is zeker niet vreemd aan de overweldigende opkomst voor deze studiedag. Leader is een Londense psychoanalyticus die — vooral via zijn contacten met de groep uit Lille rond het tijdschrift Savoir et Clinique (Geneviève Morel, Franz Kaltenbeck) — een grote affiniteit heeft met het Franse (voornamelijk lacaniaanse) denken. Op geraffineerde wijze weet hij de Engelse traditie om ook psychotische patiënten in een analytische behandeling te betrekken te verbinden met het nogal theoretische erfgoed uit de Franse psychiatrische en analytische school. Leader bleek op deze studiedag ook een begenadigd spreker te zijn. In drie kwartier zette hij in eenvoudige bewoordingen de lacaniaanse opvattingen over de psychose uiteen. Eerst maakte hij onderscheid tussen de symptomen die aan de oppervlakte aan ons verschijnen en de dieptestructuur van de persoonlijkheid. Symptomen kunnen misleidend zijn en geven geen uitsluitsel over de dieptestructuur. Daarvoor is het essentieel dat de behandelaar in dialoog treedt met de patiënt teneinde diens geschiedenis te traceren en het oorspronkelijke trauma te ontdekken. Deze werkwijze staat haaks op die vanuit de DSM, waar alleen de clustering van de tekens/symptomen tot een bepaalde categorisering leidt.
Leader