You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
‹There is something very special in being able to sublimate your unconscious, and something very painful in the access to it …› (Louise Bourgeois)1
In het actuele debat tussen Chomsky en Žižek beschuldigt eerstgenoemde de postmodernisten, zoals Žižek, Derrida en Lacan, van ‹empty posturing› en ‹charlatanerie›. Na de studiedag Visies op het onbewuste en therapeutische implicaties vanuit lacaniaans en bioniaans perspectief ben ik ervan overtuigd dat voor Chomsky Bion tot deze zelfde categorie zou behoren. De elfde studiedag georganiseerd door de behandelingseenheid Klinische Psychotherapie voor Persoonlijkheidsmoeilijkheden (KLIPP) en de psychoanalytische dienst van UPC KULeuven te Kortenberg, in samenwerking met de postgraduaten psychodynamische therapie van KULeuven en UGent, toont echter overtuigend aan dat deze omschrijving geenszins verdedigbaar is. Zowel Lacan als Bion getuigen in hun werk van een uitzonderlijke belezenheid, scherpzinnigheid en vermogen tot synthetiseren.
Om het etherische en enigmatische karakter van het werk van beide auteurs voor het publiek bevattelijk te maken, hebben de sprekers, Rudi Vermote (psychiater-psychoanalyticus, voorzitter Belgische Vereniging voor Psychoanalyse, diensthoofd KLIPP, docent KULeuven en verantwoordelijk voor de postgraduaatopleiding psychoanalytische psychotherapie) en Paul Verhaeghe (klinisch psycholoog, psychoanalyticus, hoogleraar psychoanalyse en klinische consultatie aan de UGent en verantwoordelijk voor de postgraduaatopleiding psychoanalytische therapie) net als de auteurs die ze bespreken, een eigen taal gezocht. Vermote deed dit via de taal van de kunst. In een volledig verduisterde aula gaf hij met een boeiende audiovisuele presentatie een inleiding tot concepten die Bion gebruikt om over het onbewuste te kunnen spreken. In de eerste plaats gebruikte Vermote het werk van Louise Bourgeois, e