You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Therapeutisch werk met verslaafde personen is geen eenvoudige klus, daar zijn clinici het roerend over eens. In Het onbehagen in de cultuur gaf Freud een eenvoudige
uitleg voor die moeilijkheid: het gebruik van verdovende middelen is de meest krachtige oplossing voor het lijden. Evenwel, bij mensen die in de ban geraakt zijn van een middelenverslaving is die oplossing tot een probleem verworden, is het subject in de greep geraakt van het middel met alle destructieve gevolgen van dien. Dit is het punt waarop veelal een beroep gedaan wordt op hulpverlening.
Middelenmisbruik kunnen we psychoanalytisch dus gedeeltelijk begrijpen als een symptoom, als een oplossingspoging van het subject waarbij de winst-verliesbalans overhelt naar de verlieskant. Anders dan een klassiek symptoom dat talig gearticuleerd is en dus geanalyseerd kan worden, verdooft de inname van het reële product alles wat zich zou kunnen aandienen van het onbewuste. Met andere woorden: de samenklittende verhouding van het verslaafde subject met zijn middel maakt het therapeutische proces bijna onmogelijk omdat niets verwacht wordt van de Ander, waardoor de overdracht geen kans krijgt — tenzij de therapeut dezelfde functie krijgt toebedeeld als het totaalantwoord van het middel, wat leidt tot deze herkenbare klacht van hulpverleners: ‹Hij kleeft aan mij en laat mij niet meer los!›
De eigenheid van toxicomanie daagt ons uit om ons psychoanalytische kader te overdenken opdat binnen een overdrachtsverhouding een andere oplossing geconstrueerd kan worden in plaats van de destructie via het middel. De vraag of en hoe de overdracht verschijnt in het werk met een verslaafd subject binnen de context van een instelling was de inzet van de studiedag georganiseerd door vormingscentrum Idesça en het Gezelschap voor Psychoanalyse en Psychotherapie (GPP) op 2 april 2014 in Psychiatrisch Centrum Sleidinge.
Na zijn welkomstwoord gaf GPP-voorzitter Wim Galle meteen het woord aan Leen Van De Steene (GPP), psychoanalytica, w