You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Anna Bentincks biografie van Karl Abraham is een rijk boek. Het brengt een originele analyticus van het eerste uur tot leven, een man over wie niet veel bekend was, maar wiens invloed toch aanzienlijk is geweest. Dat gebeurt in een heldere stijl, met concrete beschrijvingen en stevige conclusies. Nergens wordt het verhaal dichtgesmeerd met nuanceringen en relativeringen. Hierdoor ontstaat een open verhaalstructuur, die een appèl doet op meedenken, zelf vragen stellen en tot antwoorden proberen te komen. Nog los van de belangwekkende inhoud maakt dit het lezen aantrekkelijk. Abraham is afkomstig uit een Joods middenstandsgezin in Bremen. Zijn studie geneeskunde voert hem langs verschillende Duitse universiteitssteden naar een eerste aanstelling als psychiater in Berlijn, waar hij zijn vrouw vindt in sociaal vooruitstrevende studentenkringen. Met de nodige volharding lukt het hem om een aanstelling te krijgen in de Burghölzli-kliniek in Zürich, in die tijd een psychoanalytische broed-plaats, onder leiding van Bleuler. Ook Jung, Binswanger en Eitingon ontvingen daar hun scholing. Men duidde onbekommerd elkaars dromen, maar er werd ook lange dagen hard gewerkt. Abrahams bezoek van een aantal dagen aan Freud in Wenen werd het hartelijke begin van een levenslange vriendschap en samenwerking, waarin beiden van elkaar afhankelijk waren.
Abraham was een verwoed alpinist, die in Zwitserland aan zijn trekken kwam. Zijn Berlijnse vrouw kwijnde daar weg. Zo was het niet verwonderlijk dat hij als pionierend psychoanalyticus toch in Berlijn terecht-kwam.
Hij had niet bepaald een eenduidig karakter. Hij was aimabel, zeer toegewijd, had een groot invoelend vermogen, kon goed organiseren, allemaal factoren die bijdroegen aan het ontstaan van een bloeiende eigen praktijk. In het begin werd hij, soms op vrijwel dagelijkse basis, per brief door Freud gecoacht. Later kwam hij aan het hoofd te staan van een grote psychoanalytische polikliniek, de eerste en in die tijd de enige in Europa van