You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Projectieve identificaties zijn door Melanie Klein beschreven als een primitieve afweervorm, waarbij psychische inhouden die ondraaglijk zijn naar buiten worden verplaatst en gedeponeerd in een ander om deze zich vervolgens toe te eigenen nadat ze door de ander draaglijker zijn gemaakt. Nu de rookwolken omtrent het begrip na meer dan een halve eeuw enigszins zijn opgetrokken, blijkt het mechanisme van universeel belang in het denken over normale communicatie en oordeelsvorming, waarschijnlijk zelfs over leerprocessen in meest uitgebreide zin.
Jawel, als fervent aanhanger van de vrijheid van denken erger ik mij in toenemende mate aan de voorwaarde in de niet-exacte wetenschappen iedere opmerking te baseren op literatuurgegevens, als antwoord wellicht op de vraag: ‹Waar haalt hij het vandaan?› De keuze van dergelijke gegevens berust op regelrechte projectieve identificaties. Nu ik dit heb genoemd, hoef ik voor de goede verstaander toch nauwelijks meer uit te leggen wat ik bedoel. Enerzijds wordt objectiverend geoordeeld en beoordeeld, anderzijds ontleent men ieder oordeel aan het eigen gedachtegoed, kenbaar aan de keuze tussen wat wel en wat niet uit de buitenwereld wordt overgenomen, hetgeen leidt tot selectieve censuur. De aan Kafka ontleende situatie in het wetenschappelijk denken wordt aangenomen als ongeschreven wet, waaraan een goedwillend beoefenaar van een wetenschappelijk georiënteerd beroep als psychoanalyticus/therapeut zich moet onderwerpen. En iedereen die het anders ziet heeft het niet begrepen.
En wat nog erger is: wanhopige hoogleraren hebben — aanvankelijk nog met enig succes — toegegeven aan de verleiding wetenschappelijke-literatuurgegevens zelf te verzinnen om hun ideeën door te drukken, waarschijnlijk doordat ze — op deze wijze beroofd van hun vrijheid van denken — binnen het wetenschappelijk keurslijf moeten opereren, niet bij machte iets te zeggen over de aard van dat keurslijf als zodanig.
Ik wil niet beweren dat ik iets beter weet, misschien bij