You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
De in neuropsychoanalyse meest gangbare epistemologie gaat ervan uit dat er rechtstreekse overeenkomsten zijn tussen het objectieve en het subjectieve aspect van eenzelfde object, dat wil zeggen tussen brein en psychisch apparaat. In contrast hiermee, stel ik dat elke onderzoekswijze leidt tot een eigen object, waardoor lineaire overeenkomsten structureel onmogelijk zijn, hoewel beide objecten wel rechtstreeks op elkaar inhaken bij een paar hechtingspunten.
In de zomer van 1988 ontmoeten de neurobioloog James Schwartz en de psychoanalyticus Arnold Pfeffer elkaar voor lange gesprekken op Long Island.1 Schwartz is een gerenommeerd wetenschapper, die samen met Eric Kandel onderzoek doet naar het geheugen. Hij en Pfeffer, op dat ogenblik voorzitter van de New York Psychoanalytic Institute (NYPI), zijn hechte vrienden. Ze bespreken het denken als ‹handelingspoging› zoals Freud dit uiteenzet in zijn Ontwerp voor een psychologie. Die sleutelidee sluit nauw aan bij neurowetenschappelijke intuïties, die later uitgewerkt worden door bijvoorbeeld de neurowetenschapper Marc Jeannerod (1994), namelijk dat wanneer het handelen niet tot uitvoering gebracht kan worden dit leidt tot ‹centrale beeldvorming›: representatie of denken. Gesterkt door dit krachtige ontmoetingspunt vatten zij het idee op om aan psychoanalytici van de NYPI een neurowetenschappelijke vorming aan te bieden. Op vierenzeventigjarige leeftijd sticht Pfeffer in 1990 de Neuroscience Study Group aan de NYPI; enkele eminente neurowetenschappers nemen deel aan dit vormingsprogramma.
In 1992 wordt de jonge Zuid-Afrikaanse neuropsycholoog Mark Solms uitgenodigd om in New York zijn droomonderzoek te presenteren. Solms, opgeleid tot neuropsycholoog aan de universiteit van Johannesburg, is dankzij zijn verloofde Karen Kaplan geboeid geraakt door een mogelijke dialoog tussen psychoanalyse en neuropsychologie. Met zijn eerste publicaties krijgt hij de steun van de gevestigde analyticus en psychiat