You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Om een proces te begeleiden doet een psychoanalyticus beroep op een of meerdere psychoanalytische modellen die getoetst worden aan zijn eigen klinische ervaring en die van anderen. Modellen zijn belangrijk zoals Goethe zei: men ziet wat men weet. Anderzijds verzadigen modellen snel het denken.
Wanneer een verband eenmaal duidelijk is, ziet men dit spontaan overal terug en is het moeilijk dit weer los te laten. In deze tekst stel ik een model voor (Vermote 2013, 2014c) waarin ik verschillende andere psychoanalytische modellen integreer en dat door de revolutionaire inzichten van de late Bion tegelijk ook open blijft. Het model kan vanuit verschillende gezichtspunten getoetst worden: uiteraard de klinische ervaring, kunst, of andere psychoanalytische modellen. In deze tekst wordt het model in het licht van neurowetenschappelijke bevindingen gehouden. Niet om als een bewijs te dienen, maar om te zien of deze gedachten gefalsifieerd worden door empirische bevindingen en om te zien of zich nieuwe wegen openen. Het voorgestelde model geeft aan op welk niveau ingrijpende psychische veranderingen kunnen plaatsvinden.
Het model is eenvoudig en kan grafisch voorgesteld worden. De basisidee is een psychisch functioneren in verschillende lagen. Dit wordt gekoppeld aan Matte-Blanco's gedachten over het freudiaanse onbewust functioneren (Freud 1915) dat hij met het wiskundig oneindige vergelijkt. De eigenschappen van het onbewuste worden bepaald door het primaire proces dat gekenmerkt wordt door verschuiving en verdichting. In een functioneren volgens het oneindige bestaat hetzelfde ontbreken van causale verbanden, omdat een deel van het oneindige ook oneindig is. Daartegenover kan het bewuste talige secundaire proces vergeleken worden met het eindige omdat er vaste verbanden zijn. De droom vormt een mengeling van oneindig/eindig, omdat er zowel