You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
In een recent nummer van dit tijdschrift komt Nelleke Nicolai (2014) in haar artikel over ‹homoseksualiteiten› tot een opmerkelijke constatering: over homoseksualiteit wordt binnen het psychoanalytische veld nauwelijks nog geschreven want ‹het is geen kwestie meer›. Homoseksualiteit is losgeweekt uit een rots van theoretische vooroordelen en wordt door analytici eindelijk erkend in al haar diversiteit wat betreft de objectrelaties. Merkwaardig toch dat men zwijgt wanneer de veelzijdigheid van een fenomeen eindelijk het licht ziet! De studiedag die op 26 november 2014 door uitgeverij Idesça en het Gezelschap voor Psychoanalyse en Psychotherapie te Gent rond dit thema werd georganiseerd toont gelukkig aan dat de auteur van het geciteerde artikel misschien wat voorbarig was in haar vaststelling. Zich beroepend op het gegeven dat de homoseksueel niet bestaat, gaven de sprekers — allen psychoanalyticus of psychoanalytisch psychotherapeut — elk op hun manier aan hoe homoseksualiteit dan wél verschijnt in het veld van de psychoanalyse.
Tom Verhaeghe, de eerste spreker, gaat uit van een brief die Freud schreef aan een bezorgde moeder. Uit haar schrijven kan hij namelijk afleiden dat ze inzit over de homoseksualiteit van haar zoon. In bedekte termen vraagt zij of de psychoanalyse hem hiervan kan genezen. De visie die Freud in zijn antwoord verdedigt, is ondubbelzinnig: homoseksualiteit is slechts één van de vele variaties binnen het menselijke liefdesleven. Indien zij hieraan twijfelt, dient zij slechts het werk van Havelock Ellis erop na te slaan. In het vervolg van zijn vertoog wijdt Verhaeghe zijn toehoorders dan ook in dit werk in, meer bepaald in het boek Sexual inversion. Hij volgt het zeer rijk gestoffeerde parcours dat Ellis in zijn boek aflegt, met enkele kanttekeningen. Diens visie week enigszins af van die van Freud. Hoewel beiden uitgaan van een aanvankelijk ongedifferentieerde seksualiteit, besluit Ellis uit een onderzoek bij tachtig homoseksuele mannen tot een e