You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Door de keuze van het thema ‹Too much, not enough› beoogden de organisatoren van het achtentwintigste congres van de European Psychoanalytical Federation (EPF) een veelheid aan psychoanalytische invalshoeken mogelijk te maken. De onderliggende vraag was: in welke mate vertoont de psychoanalyse van nu dezelfde symptomen als de maatschappij waarin ze werkt? Zo bracht dit onderwerp meteen ook fundamentele psychoanalytische concepten en denkkaders voor het voetlicht: hoe gaan we om met affecten en driften, in een hedendaagse psychoanalytische cultuur die vaak de intersubjectiviteit als object van haar behandeling ziet?
Dat binnen de EPF uiteenlopende analytische denkkaders en verenigingen verzameld zijn is een plus, maar het draagt ook bij tot de complexiteit en diversiteit van het ‹analytische gedachtegoed›. Ik vermoed dat men door de keuze van dit thema ook de gelegenheid wilde geven verschillende analytische stromingen met elkaar in discussie te brengen.
In het dagelijkse leven staan we onder druk van een ‹teveel› (te veel werk, te veel stimuli, te veel praktische beslommeringen, etc.) en klagen we over ‹niet genoeg› (vrije tijd, kwaliteitsvolle relaties, zekerheden, etc.). Zo wordt echter ook de psychoanalyse geconfronteerd met een ‹teveel› in de psychopathologie die zich aandient (trauma, ernstige persoonlijkheidsstoornissen, etc.) en waartegenover ‹niet genoeg› waardering, noch in financiële zin, noch vanuit de politiek en het verzekeringswezen komt. Het wordt een evenwichtsoefening en een uitdaging om een gepast antwoord te geven op het menselijk lijden dat door deze te veel/niet genoegcultuur wordt gegenereerd, nu de psychoanalyse zélf in deze spagaat terecht dreigt te komen.
De plenaire lezingen op het congres waren opvallend goed klinisch onderbouwd, en poogden dit spanningsveld tussen te veel/niet genoeg (excessieve affecten, té zwak psychisch apparaat) aan te tonen. Er was niet altijd voldoende tijd om de metapsychologische referentiekaders tegenover elkaar te