You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Psychoanalytici en film- en literatuurweten-schappers maakten gezamenlijk een bundel, getiteld Psychose en de kunsten, rond het thema van de verhouding tussen binnen- en buitenwereld. De bundel bevat onder meer een tweetal theoretische beschouwingen over Lacans theorie van de waan, een artikel over Nijinksi, een beschouwing over het theater van de wreedheid zoals Antonin Artaud dat voorstaat en een verslag over een geslaagde muziektherapie.
Waar de empirische psychologie universele wetmatigheden tracht te vinden in te observeren objecten met het doel verandering te voorspellen, probeert Houppermans met zijn redactie nu juist — principieel — het particuliere te begrijpen in de psychose én in de kunst. Wat is fantasie? Hoe sluit de binnenwereld op de buitenwereld aan? Wat gebeurt er op de grens van de individuele waarneming? Hermeneutiek en psychiatrie ontmoeten elkaar in de interpretatie van waan, beeld, klank en woord: negen artikelen geïnspireerd door de ideeën van Lacan over psychotische patiënten én over het werk van allerlei kunstenaars. Eén vraag uit de talloze in deze bundel: waarom probeert patiënt Richard door de FBI geplaatste chips te verwijderen door alle stopcontacten in zijn huis te demonteren? Jos de Kroon, Stijn Vanheule en Abe Geldof leveren de psychoanalytisch theoretische bijdragen aan de bundel. Zij vergelijken Freud en Lacan met elkaar. Freud verklaart de psychose vanuit het driftmodel. Heel kort samengevat: de adaptatie aan de realiteit