You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Fairbairn wordt, samen met Melanie Klein, beschouwd als de grondlegger van de objectrelatietheorie. Fairbairn and the object relations tradition toont aan dat deze stroming in de psychoanalyse nog in volle ontwikkeling is, wat men niet snel zou vermoeden, want Fairbairn volgde een heel eigen koers en koos geen positie in de strijd tussen Anna Freud en Melanie Klein. Toch hebben zijn ideeën een brede weerklank gevonden. In dit boek komen veertig psychoanalytici aan het woord. Het eerste deel bevat negen bijdragen die inzicht bieden in de religieuze en filosofische opvattingen die het denken van Fairbairn vorm hebben gegeven: Hegel, het Schotse presbyterianisme, de calvinistische theologie.
In het tweede, meest boeiende deel van het boek wordt ingegaan op de betekenis van Fairbairn voor de klinische praktijk. In hoofdstuk 10 bespreekt Ogden waarom we Fairbairn moeten lezen. Volgens Fairbairn ontstaat de innerlijke wereld als een gevolg van het falen van het primaire object. Het kind wil alles doen om de relatie met een liefdeloze moeder om te vormen tot een liefdevolle relatie. Dat is het schizoïde dilemma dat aan de basis ligt van alle psychopathologie. Het kind neemt de beperkingen van moeder om hem lief te hebben, realistisch waar. Deze waarneming krijgt een traumatische betekenis.
Dit roept onmiddellijk enkele vragen op. Is de moeder werkelijk tekortgeschoten ten aanzien van het kind? Of was het kind niet genoeg in staat haar liefde te accepteren? Of werden haar beperkingen verkeerd geïnterpreteerd als een gebrek aan liefde? Of was ze niet ontvankelijk genoeg voor de liefdesuitingen van het kind? Het trauma heeft volgens Fairbairn te maken met de perceptie van de eigen afhankelijkheid van moeder en haar beperkingen als zorgfiguur en liefdesobject. De ervaring niet geliefd te zijn door moeder is ondraaglijk. Het kind voelt zich hierdoor intens vernederd. Deze ervaring van schaamte bedreigt het kind met desintegratie, psychisch leegbloeden en innerlijke dood. Om met d