You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Tussen blinde fascinatie en vrijheid is de handelseditie van het proefschrift waarop Frank Vande Veire in september 2013 aan de Radboud Universiteit Nijmegen promoveerde. Als je door het woud van Žižeks denken zijn theorie wilt leren kennen, moet je die volgens Vande Veire zelf bij elkaar sprokkelen, op het risico af door het bos de bomen niet meer te zien. Zijn boek toont aan hoe de filosofie voor Žižek de absolute topprioriteit vormt. Het filosofische referentiekader waarvan hij gebruikmaakt is heel specifiek. Het denken van Lacan en Hegel vormt hierbij — hoewel niet altijd even expliciet — het centrale referentiekader. Zijn filosofische grondslag betreft derhalve een ontologie van het subject dat van Duits-idealistische en psychoanalytische makelij is.
Vande Veires boek wijst ons erop dat het enorme aandeel van Kant in het denken van Žižek tot nu toe onderbelicht gebleven is. Žižek heeft de overtuiging dat Kant de eerste filosoof is die het subject als fundamenteel gedeeld postuleerde en in die zin de rechtstreekse voorloper van Lacan is. Dat het subject zich door een ideologie kan laten aanspreken, kan volgens hem alleen begrepen worden vanuit de psychische structuur van het subject. Žižek is ervan overtuigd dat als het erop aankomt er geen positie denkbaar is buiten de ideologie. Dat Vande Veire het zichzelf in zijn opdracht niet gemakkelijk gemaakt heeft, blijkt uit de moeilijkheden die komen kijken bij een exegese van Žižek. De blik achter de coulissen leert ons dat zijn schriftuur in hoge