You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Wie meer wil weten over Ogden als persoon kan het best hoofdstuk acht lezen: een interview dat een collega uit San-Francisco met hem heeft gehouden. Via zijn moeder die in psychoanalyse is geweest toen hij nog heel klein was en het cadeau dat ze hem gaf op zijn zestiende (Colleges inleiding tot de psychoanalyse van Freud) is hij geneeskunde gaan studeren met de ambitie psychoanalyticus te worden. Ogden is trots op zijn medische identiteit: daardoor heeft hij verantwoordelijkheid leren opnemen voor zieken die niet in staat zijn om zelf te oordelen. Ogden voelde veel affiniteit met ernstig gestoorde patiënten en vond in het werk van de Britse objectrelationele psychoanalytici inspiratie. Dit was niet zijn enige inspiratiebron: veel heeft hij te danken aan de wereldliteratuur met auteurs als Borges, Kafka en James. In dit boek zijn hoofdstukken gewijd aan teksten van Borges (De bibliotheek van Babel) en Kafka (Een hongerkunstenaar) die in verband gebracht worden met hun biografie. Zijn grote liefde voor taal en literatuur is goed voelbaar in zijn psychoanalytische publicaties. Volgens Ogden maakt taal niet zozeer de expressie van gedachten en gevoelens mogelijk, maar is ze bij uitstek een medium voor de creatie van gedachten en gevoelens. Het is ontroerend hoe hij over zijn zoon Ben spreekt met wie hij samen een boek heeft gepubliceerd over psychoanalyse en literatuurkritiek. Een rode draad in dit boek is het wordingsproces van de psychoanalyticus. Dit wordt samengevat in hoofdstuk vijf (On becoming a psychoanalyst) dat samen met Glen Gabbard is geschreven. Volgens Ogden dient de psychoanalyticus zijn eigen stem te vinden en een authentieke stijl te ontwikkelen passend bij diens unieke persoonlijkheid. Hij dient te kunnen denken en dromen over de opgedane ervaring en zichzelf in het hier en nu te dromen. Wat hij daarmee bedoelt komt ook in hoofdstuk een aan bod. Om zich verder te kunnen ontwikkelen, dient de analyticus zichzelf periodes van persoonlijke isolatie te gun