You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
In de koloniale en royale glans van het Tropenmuseum werd ontmoet, kennisgemaakt en opnieuw kennisgemaakt. Willem Heuves opende de sessies met zijn lezing over Vrijdenkers en dwarsliggers —Ontwikkelingen van de psychoanalyse in historisch perspectief.
Vrijheid is niet vanzelfsprekend, maar moet verdedigd worden: er is negatieve vrijheid waar men niet gehinderd wordt door anderen en positieve, beheerst door de vraag of mensen zelfstandig vorm kunnen geven aan hun eigen leven, waarbij de positieve een intrapsychisch concept is.
Freud gebruikte het woord opvallend weinig. In de geschiedenis van de psychoanalyse zien we in de eerste generatie jeugdig elan, verbazing, ontdekking en nieuwsgierigheid. Pas daarna ontstond er een organisatie met afdelingen in Wenen, Berlijn en Londen. Na de Tweede Wereldoorlog maakte de psychoanalyse al deel uit van het medisch establishment. Zeker in de Verenigde Staten, waar het klimaat conservatief was, kon de egopsychologie floreren, omdat zij aanpassing hoog in het vaandel had staan, waardoor de vrijheid van denken in het nauw kwam.
Heuves ging in zijn lezing over de honderdjarige geschiedenis in op de relatie van de psychoanalyse met de neuroscience met haar nadruk op biologie. Deze relatie is ten minste controversieel te noemen. De psychoanalyse lijkt de neuroscience niet relevant te vinden, maar is er hier niet sprake van een vergissing? Heuves oppert dat het inderdaad mogelijk gaat om een vergissing in logische categorieën, daar het onderscheid mind/brain verschillende modellen van de werkelijkheid representeert. De psychoanalyse, de geschiedenis van een idee, wist zich los te maken van het biologisch determinisme van de negentiende eeuw, dat nu via een «moderne» weg de psychoanalyse weer dwars kan gaan zitten.
Vervolgens hoorden we Leontien Brameyer over Jeanne Lampl-de Groot en de Nederlandse psychoanalyse. In analyse geweest bij Freud en daarna in vriendschap met hem en zijn dochter verbonden, vertegenwoordigde Lampl-de Groot de orth